Leergang Onderwijsrecht

Wanneer zijn de colleges en wie geeft ze?

Verspreid over drie maanden volgt u zes colleges die worden gegeven door docenten uit wetenschap en praktijk. Tijdens deze colleges delen zij hun specifieke kennis en ervaring met u. Ook stimuleren zij u om casussen te bediscussiëren en op te lossen. Bekijk hier de planning (2017) met de data, onderwerpen en docenten. De planning van 2018 wordt in het voorjaar van 2018 op de website geplaatst.

Cursusleiding en docenten 
De leergang staat onder leiding van prof. dr. Renée van Schoonhoven en prof. mr. Miek Laemers, beiden bijzonder hoogleraar onderwijsrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de VU. Zij zijn tevens docent in de leergang.

Renée van Schoonhoven VU Law Academy
Renée van Schoonhoven
 
Miek Laemers VU Law Academy
Miek Laemers

Programma en onderwerpen

De colleges kennen de volgende thema’s:

  • Onderwijs en de Grondwet: de leergang start met een college over de constitutionele hoofdlijnen van ons onderwijsbestel, waarbij in ieder geval artikel 23 van de Grondwet en het EVRM aan de orde komen. Deze kennis is noodzakelijk omdat dit de pijlers zijn waarop de onderwijswetten en bestuurlijke verhoudingen van ons onderwijsbestel rusten; discussies over diverse verandervoorstellen zijn vaak in belangrijke mate terug te voeren op deze pijlers, reden waarom de leergang hiermee begint. De ‘canon’ van de onderwijsrechtelijke jurisprudentie wordt besproken d.w.z. onder meer de uitspraken betreffende toelatingsvrijheid en gelijke behandeling, zoals Maimonides, Hoornbeeck, Volendam en Leyla Sahin.

  • Kwaliteit, toezicht en leerplicht: in dit college wordt ingegaan op een belangrijk aspect van de verhouding tussen overheid en scholen te weten het toezicht op de kwaliteit en de naleving van de leer- en kwalificatieplicht. Wat zijn de uitgangspunten waarop beide zijn gebaseerd? Ook de actualiteit komt aan de orde, te weten voorstellen tot wijziging van het Inspectietoezicht (transitienotitie, wetswijziging als gevolg van het initiatiefvoorstel van Bisschop) en voorstellen tot wijziging van de kwalificatieplicht.

  • Bestuurlijke verhoudingen in en rond de school: in dit college staat de ‘governance’ van het schoolbestuur centraal. Welke bestuurlijke modellen zijn er, wat zijn daarbij de aandachtspunten? Hoe steekt – op hoofdlijnen – de financiering van het onderwijs in elkaar? Welke verantwoordingsplichten zijn er? Hoe zit het met medezeggenschap en klachtrecht, ook in het mbo?

  • Bestuurlijke samenwerking; rol van de gemeente: schoolbesturen werken steeds meer samen, onder meer voor passend onderwijs. Welke vormen zijn verplicht, welke vrijwillig? Wat zijn aandachtspunten bij die samenwerking? Welke rol en verantwoordelijkheid heeft de gemeente op het onderwijsdomein?

  • De leraar als professional: hoe is de rechtspositie van leraren en docenten in het po, vo en mbo geregeld en wat zijn daarbij punten die ánders zijn dan in het gewone arbeids- en ambtenarenrecht? Wat houdt het lerarenregister precies in en wat is in dat verband een professioneel statuut resp. professionele standaard?

  • Positie van ouders en leerlingen: in het laatste college wordt ingegaan op de positie van ouders en leerlingen in en rond de school. Welke rechten en plichten hebben zij? Waaruit bestaat de onderwijsovereenkomst tussen ouders, leerlingen en schoolbestuur? Wie heeft welke verantwoordelijkheid?
De leergang wordt afgesloten met een afsluitende bijeenkomst (van ca. 4 uur) waarbij u de hoofdlijn van uw paper presenteert aan uw medecursisten en de docenten. Tijdens de bijeenkomst vindt tevens de diploma-uitreiking plaats.