Kinderen van gedetineerde moeders

Onderzoekers
Menno Ezinga
Sanne Hissel
Catrien Bijleveld
Anne-Marie Slotboom

Beschrijving
In 2007 is vanuit de sectie Criminologie van de Vrije Universiteit een onderzoek gestart naar het welzijn van kinderen van gedetineerde moeders. Het doel van het onderzoek was om te bestuderen of, en indien aanwezig in welke mate, deze kinderen psychologische en sociale problemen ondervinden wanneer zij gescheiden worden van hun moeder door haar detentie. Het onderzoek was gesubsidieerd vanuit het WODC.
Het onderzoek is in oktober 2007 van start gegaan (met Sytske Besemer als junior onderzoeker). In oktober 2008 is de balans opgemaakt van de bevindingen (Ezinga et al., 2008). Uit die balans blijkt dat kinderen van gedetineerde moeders gekenmerkt worden door verschillende en ernstige problemen. Ook blijken de kinderen – zowel uit de kwantitatieve instrumenten als uit de kwalitatieve indrukken – een groep die verhoogde externaliserende en internaliserende problemen laat zien. De vraag of die problemen door de detentie veroorzaakt worden, kan met het onderzoek niet beantwoord worden. Wel kunnen we – met de nodige voorzichtigheid aangezien het nog een kleine onderzochte groep betreft – stellen dat kinderen van gedetineerde moeders problemen op diverse terreinen rapporteren en in multi-probleem gezinnen opgegroeid zijn of nog steeds opgroeien. In die zin zijn kinderen van gedetineerde moeders een beschadigde en kwetsbare groep, die onderzoeks- en beleidsaandacht behoeft.

Vervolgonderzoek met steun van DJI (en Sanne Hissel als junior onderzoeker) heeft geleid tot een grotere populatie  en bracht de gedrags- en internaliserende problematiek van deze kinderen scherper in kaart. De mogelijke problematiek is  gerelateerd aan de verzorgingsarrangementen waarin deze kinderen verblijven, alsmede de diverse problemen in (de geschiedenis van) deze gezinnen. De kwalitatieve indrukken laten zien dat dat beeld niet eenduidig zal zijn: hoewel alle kinderen de situatie van hun moeder betreuren en er verdriet van hebben, rapporteren sommige ook positieve effecten van de afwezigheid van de moeder. Ook is de steun van de omgeving zeer wisselend.

Het onderzoek is voltooid. Het rapport is te bestellen bij Menno Ezinga (m.ezinga@rechten.vu.nl).

Onderzoeksvraag

  • Hoe is de zorg voor kinderen van gedetineerde moeders geregeld? 
  • Is er sprake van gedragsproblematiek?
  • Hoe is het welbevinden van deze kinderen?


Methode

  • Semi-gestructureerde interviews met moeders, kinderen en verzorgers.
  • (Zelfrapportage)vragenlijsten betreffende probleemgedrag, specifieke internaliserende en externaliserende problematiek en persoonlijkheid.

Relevante publicaties
Rapporten

  • Ezinga, M.A.J., Hissel, S.C.E.M., Slotboom, A.-M., & Bijleveld, C.C.J.H. (2009). Kinderen van gedetineerde moeders.