Afscheid hoogleraar Mensenrechten Martin Kuijer na 15 jaar VU

Martin Kuijer neemt vanaf 1 januari 2020 als raadsheer zitting in de Hoge Raad. Hiermee komt er voor nu een einde aan zijn VU-carrière.

26-11-2019 | 12:30

Hoe het allemaal begon

In 2004 maakt Martin Kuijer zijn debut als hoogleraar Mensenrechten aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij nam het stokje over van Egbert Myjer, toen net benoemd als rechter in het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Kuijer: "Ik kan me nog goed herinneren dat het telefoontje van Tom Schalken, waarin hij bij mij polste of ik interesse had om Egbert op te volgen, als een totale verrassing kwam. Ik ben tot de dag van vandaag dankbaar dat de Vrije Universiteit zo'n ‘jonge hond’ - ik was toen een jonge dertiger - een kans wilde geven." 

"Jarenlang heb ik twee Mastervakken verzorgd aan de faculteit: 'Human rights protection in Europe´ en ´Mensenrechten en Strafrecht´. Het is fantastisch om je eigen passie voor mensenrechten over te mogen dragen aan een nieuwe generatie. Soms krijg je – jaren later – een berichtje van een oud-student die je bedankt voor de inspirerende colleges en aangeeft wat hij of zij inmiddels zelf is gaan doen. Dat is het mooiste cadeau dat je als docent kunt krijgen. Al zal ik ook eerlijk bekennen – voordat het te zoetsappig wordt – dat ik soms even moest wennen aan de 'VU-student’ na mijn Leidse periode. Aan de VU heb je relatief veel ‘spoorstudenten’ die aan het eind van hun college op hun horloge gaan kijken omdat ze een trein willen halen. Ik kan studenten alleen maar aanraden om zich ook naast de colleges te verdiepen in de materie. Lees een krant, ga studeren in het buitenland, loop een stage, en luister naar het verhaal van een praktijkjurist. Om die reden heb ik in 2007 het initiatief genomen om een stagemogelijkheid bij de Permanente Vertegenwoordiging van Nederland bij de Raad van Europa in Straatsburg in het leven te roepen. Elk jaar mag de VU een student afvaardigen om drie maanden daar mee te lopen. En om dezelfde reden organiseerde ik in 2017 een Honours vak, waarbij ik diverse (buitenlandse) gastsprekers uitnodigde om hier hun verhaal te komen houden. Zo hadden we mooie sprekers van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (o.a. mijn dierbare vriend en oud-president van het Hof, Nick Bratza), de Venetië Commissie en de Raad van Europa. 

Maar ik moet ook zeggen dat het steeds moeilijker werd om voldoende tijd en energie te steken in mijn VU-werkzaamheden naast mijn andere werkzaamheden. Zeker de meer administratieve verplichtingen voor een docent zal ik niet missen. Toen het nieuws van de Hoge Raad definitief was, heb ik derhalve besloten om er mee te stoppen. Het waren 15 mooie jaren met ontzettend getalenteerde en hartelijke collega’s en met een dierbare studentengemeenschap. Daarvoor kan ik alleen maar heel dankbaar zijn!"

Carrière

De aankomend raadsheer heeft er inmiddels al een behoorlijke carrière op zitten. Al voordat hij in 2004 promoveerde op The Blindfold of Lady Justice, over rechtelijke onafhankelijkheid en onpartijdigheid in het licht van artikel 6 van het EVRM, kreeg hij een mensenrechtelijke functie bij het ministerie van Justitie aangeboden. Als raadadviseur mensenrechten was hij meer dan tien jaar lang verantwoordelijk voor het opstellen van processtukken in zaken aanhangig bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens en voor mensenrechtelijke advisering ten aanzien van wetsvoorstellen, beleidsvoornemens en internationale dossiers. In 2016 werd hij tevens benoemd tot Juridisch Adviseur van het ministerie. In die hoedanigheid was hij verantwoordelijk voor juridische advisering aan de politieke en ambtelijke leiding van het departement in 'juridisch-bestuurlijk gecompliceerde of gevoelige zaken'. Die functie heeft hij tot het najaar van dit jaar vervuld. Zijn functie als raadsheer-plaatsvervanger in het hof Arnhem-Leeuwarden wordt tot op de dag van vandaag gecombineerd met nevenactiviteiten zoals zijn lidmaatschap van de Venetië Commissie van de Raad van Europa. Deze constitutionele denktank voor meer dan 60 landen geeft desgevraagd juridisch advies aan lidstaten op het terrein van democratie en mensenrechten, (constitutionele) rechtspleging, verkiezingen en politieke partijen. Zo heeft hij als rapporteur gewerkt aan opinies over o.a. Rusland, Turkije, Roemenië, Bulgarije, Hongarije, Armenië en Malta.  

Rol als rechter

De rechterlijke macht trok de oud-hoogleraar dusdanig dat hij besloot zijn proefschrift te schrijven over het functioneren van deze beroepsgroep, waarbij hij zich specifiek richtte op de onpartijdigheid en onafhankelijkheid van de rechter. Maar zeker nu, terugkijkend op zijn carrière, ervaart hij zijn rechterlijke rol als passend: "De rechterlijke taak waarin diverse belangen tegen elkaar moeten worden afgewogen ligt mij van nature beter dan een functie waarin ik eenzijdig moet opkomen voor één specifiek belang. Het spanningsveld van enerzijds een rechtvaardige oplossing vinden in een specifieke casuspositie op basis van het individuele dossier en anderzijds het reflecteren over de zaaksoverstijgende implicaties van een oplossingsrichting vind ik één van de mooiste aspecten van het rechterlijk métier."

De droom: raadslid in de Hoge Raad

De Hoge Raad is voor vele beroepsgenoten enkel een droom. Er daadwerkelijk voor gevraagd worden slechts voor enkelen een realiteit. Kuijer had zich dan ook tijdens zijn rechtenstudie nooit kunnen bedenken dat hij ooit raadsheer in het hoogste rechtscollege van ons land zou zijn. Kuijer: "Gezien mijn achtergrond durf ik zeker te stellen dat mijn benoeming een droom is die uitkomt. De Hoge Raad mag als cassatierechter een bijdrage leveren aan het bieden van rechtsbescherming, oog houdend voor rechtsontwikkeling en rechtseenheid. De mogelijkheid om daaraan een bijdrage te mogen leveren is fantastisch."